Een hond of kat gaat pas jeuken (krabben, likken of schuren) als de jeukdrempel wordt overschreden (zie schema).
De opbouw van de jeukdrempel-kolom is per dier verschillend (zie schema). De kolom is opgebouwd uit verschillende oorzaken. De belangrijkste zijn:
- voeding
- parasieten (met name de vlo)
- atopie (allergie voor omgevingsstoffen zoals huisstofmijt)
- infectie (bacterieel of door gisten)
- stress en droge huid

Doordat de opbouw van de kolom per dier individueel is, kan het resultaat van een behandeling verschillen. We beginnen altijd met een hypo-allergeen voer, parasietenbestrijding en een behandeling tegen de infectie (indien aanwezig). Bij sommige patiënten is dit voldoende om onder de jeukdrempel te blijven en is er geen jeuk meer.
Er zijn echter ook patiënten die jeuk blijven houden. We zullen dan andere allergiefactoren moeten opsporen, zoals atopie.
Het is zeer belangrijk te beseffen dat het doel is om de patiënt onder de jeukdrempel te krijgen. Dit onderzoek moet volgens een vast patroon verlopen. Het is dus zeer goed mogelijk dat de allergie test voor bepaalde stoffen positief is, maar dit geen jeuk geeft, omdat de atopie alleen te weinig gevoeligheid geeft om boven de jeukdrempel te komen.
We beginnen nooit met een allergietest voor omgevingsfactoren, omdat het heel goed mogelijk is om met gemakkelijke maatregelen de jeuk onder controle te houden is.
|