Met sterilisatie van de hond wordt eigenlijk ovariëctomie (het verwijderen van de eierstokken) of een ovario-hysterectomie (het verwijderen van baarmoeder en eierstokken) bedoeld. Hiermee wordt de productie van geslachtshormonen gestopt en wordt voorkomen dat de hond loops wordt.
Er zijn grote voordelen verbonden aan sterilisatie. Elke keer dat de hond loops wordt produceert zij een combinatie van oestrogeen en progesteron. Deze hormooncombinatie geeft een sterk verhoogde kans op het ontstaan van melkkliertumoren en van suikerziekte. Een gesteriliseerde teef zal vrijwel nooit meer suikerziekte ontwikkelen.
Als een teef jong wordt gesteriliseerd, d.w.z. vóór de eerste loopsheid is de kans op ontwikkeling van kwaadaardige melkkliertumoren nihil. Elke keer dat de hond loops wordt neemt die kans toe en na de vierde loopsheid is de basis voor deze tumoren eigenlijk al gelegd. Gesteriliseerde teven zullen geen baarmoederontsteking of schijnzwangerschap meer ontwikkelen. Al met al zal de gemiddelde levensverwachting van een gesteriliseerde hond hoger liggen dan voor een niet-gesteriliseerde, vandaar dat ziektekostenverzekeringen sterilisatie vaak in hun pakket hebben opgenomen.
Er zijn echter ook nadelen verbonden aan sterilisatie. Het voornaamste nadeel is dat honden de neiging hebben om zwaarder te worden, dit is meestal eenvoudig te voorkomen door minder voer te geven of eventueel een voer te geven met een lagere energiedichtheid. Tevens is er een verhoogde kans op urine-incontinentie. Dit is voornamelijk het geval bij een aantal rassen waaronder de Dobermann pinscher, de Bobtail en de Boxer. Bij deze rassen raden wij meestal aan de sterilisatie na de eerste loopsheid uit te voeren, waardoor de kans op incontinentie weer wat afneemt.
Bij rassen met een langharige vacht zien we soms een verandering in de vachtstructuur. De ondervacht wordt dan dikker en wolliger en overgroeit de dekbeharing.
In het algemeen wegen de voordelen van sterilisatie echter ruimschoots op tegen de nadelen en ons advies is in de meeste gevallen de teef te steriliseren op een leeftijd van rond de zes maanden.
Er zijn verschillende manieren om een teef te steriliseren. Zoals boven al is aangegeven is het mogelijk om alleen de eierstokken te verwijderen of de eierstokken samen met de baarmoeder weg te halen. Het resultaat is in beide gevallen gelijk. In verreweg de meeste gevallen halen we echter alleen de eierstokken weg omdat de baarmoeder zonder de hormonen van de eierstokken vrijwel nooit problemen veroorzaakt.
De eierstokken kunnen op twee manieren worden verwijderd, namelijk met behulp van een laparotomie of met behulp van een laparoscopie.
- Bij een laparotomie wordt de buik geopend met een snede van ongeveer vijf centimeter, de eierstokken worden buiten de buik gebracht en dan afgebonden en verwijderd. De buik wordt weer gesloten met behulp van een onderhuidse oplosbare hechting.
- Bij een laparoscopie wordt de buikholte opgepompt met koolzuurgas, dan worden er twee of drie kleine buiksnedes van ongeveer anderhalve centimeter gemaakt waardoor een endoscoop en twee werkkanalen worden gestoken. De eierstokken worden met behulp van de endoscoop in beeld gebracht, de bloedvaatjes worden met een zogenaamd bipolair instrument dichtgebrand, waarna de eierstokken worden losgeknipt en verwijderd door een werkkanaal.
Vergelijkend onderzoek naar beide methodes laten nauwelijks verschil zien. Het aantal complicaties is bij beide methodes gering en beide methodes zijn zeer veilig. Onderzoek wijst wel uit dat dieren minder pijnlijk zijn na een laparoscopische ingreep. Dit heeft voornamelijk te maken met de lengte van de buiksnede en dit voordeel verdwijnt grotendeels bij kleinere honden (of katten). In onze kliniek worden beide operatiemethodes toegepast. Na een laparoscopie heeft het dier een wat kortere hersteltijd waardoor deze techniek bij wat grotere dieren de voorkeur heeft. De laparoscopische methode is wel wat duurder. |