 |
Het plassen kan bij een kat pijnlijk zijn,
hetgeen de eigenaar vaak herkent, omdat het dier veel zit te persen en vaker
plast. Soms is de urine afwijkend van kleur. Het is verstandig om dit
snel te laten behandelen en het is raadzaam om wat urine mee te nemen,
zodat de dierearts dit kan onderzoeken.
De meeste problemen zitten in de blaas. Bij een eenmalig voorkomende blaasontsteking
zal het dier vaak snel genezen zijn na een antibioticum- of een ontstekingsremmende kuur
van de dierenarts.
Toch zien we regelmatig patienten, met name bij de kat, waarbij de problemen
steeds opnieuw terugkomen. Het is dan van belang om een onderliggende
oorzaak op te sporen. |
Bij de kat is vaak sprake van gruisvorming. Dit is vast te stellen door de urine in een centrifuge af te draaien en het bezinksel onder de microscoop te bekijken.
We onderkennen in het algemeen 2 soorten gruis. De jonge kat heeft vaak struvietgruis terwijl de oudere kat in het algemeen calcium-oxalaatgruis heeft.
De behandeling is eenvoudig want door speciale voeding kan er voorkomen worden, dat er nieuw gruis ontstaat. Het is echter wel zeer belangrijk te weten welk gruis het is, omdat ieder gruis zijn eigen specifieke voeding behoeft.
In sommige gevallen kan bij de kater een gruisprop vastlopen in de penispunt. De kat kan kan dan helemaal niet meer plassen. Dit is een spoedgeval en de dierenarts zal de gruisprop met een catheter moeten terugspoelen en het gruis uit de blaas spoelen. De eigenaar kan deze situatie herkennen aan het feit dat de kat steeds zit te persen en er komt maar geen urine. De kat is ook erg pijnlijk in de buik.
In sommige gevallen zal er verder onderzoek nodig zijn. Er moet een echo en/of een rontgenfoto van de blaas gemaakt worden. Het kan zijn dat er tumoren, blaasstenen, poliepen of plaatselijke blaaswand afwijkingen zijn. Iedere kwaal behoeft zijn eigen therapie, maar vaak is er dan chirurgie nodig om het dier te helpen.
bij de hond zien we vaker incontinentie dan bij de kat. Gedurende de slaap
lekt de hond urine zonder dat het dier dat in de gaten heeft. Bij gesteriliseerde
teven wordt dit het vaakst gezien en met name bij honden met een gecoupeerde
staart. Misschien komt het in de toekomst nu minder voor na het coupeerverbod.
Deze afwijking is uitstekend met medicijnen te behandelen en het is soms
triest dat de eigenaar uit onwetendheid te laat bij ons voor behandeling
komt. Succeskans is tegenwoordig bijna 100%.
De meeste urinewegproblemen kunnen we goed de baas. Alleen blijft er kleine groep katten over die ondanks behandeling met voer en medicijnen steeds problemen blijven houden.
Deze dieren lijden aan idiopatische haematurie. Ze blijven bloed plassen en enorme aandrang houden. Een tiental medicijnen zijn voorradig, doch bij de ene kat helpt dit en bij de andere dat.
De oorzaak is onbekend. Door levenslang bepaalde stoffen over de voeding te strooien zien we tegenwoordig wat meer succes.
In uitzonderingsgevallen zijn er andere kwalen aanwezig. |